arrow_back

ROMEINEN Wilde eend


De Romeinse legionairs krijgen van het leger een basisrantsoen, bestaande uit graan, vlees, zure wijn, groenten en peulvruchten. Zij kunnen ook van alles kopen, vooral van de lokale bevolking. En er bestaat ook zoiets als de jacht, bijvoorbeeld op wilde eenden.

De jacht is in de buurt van de kazernes, castra en castella, een goede mogelijkheid om variatie op het menu aan te brengen. Jagen valt echter niet onder de normale dagelijkse taken en bezigheden van een legionair. Wel kunnen zij in hun vrije tijd op jacht gaan.
Romeinse legionairs kunnen bijvoorbeeld jagen met pijl en boog of met een slinger. Beide zijn normale wapens voor de soldaten.

Waar jagen de Romeinen langs de Limes op?
Wel, bijvoorbeeld op watervogels zoals de wilde eend. Zeker als de legionairs gestationeerd zijn in een castellum als Albaniana in de natte smalle corridor tussen de kust en de hoger gelegen gebieden in het midden van Nederland. Zij kunnen echter ook bij de plaatselijke poelier in de handelsnederzetting hun slag slaan.

Watervogels als de wilde eend voelen zich thuis in de nattigheid. Meren en vennetjes zijn favoriet. En die zijn er genoeg in de natte veengebieden aan beide zijden van de Oude Rijn.
Soms brengen de watervogels hier hun jongen groot en soms niet. Er zijn inheemse watervogels in de zin dat zij hier het hele jaar verblijven. En er zijn bijvoorbeeld eenden, zwanen en ganzen uit het hoge noorden. Deze trekvogels kiezen hier domicilie om te overwinteren. Zij broeden op de toendra’s.

Tussen het riet en de zegge of in een holle boom kunnen eenden een nest maken en hun jongen grootbrengen. Wilde eenden worden al in de Late IJzertijd door de lokale bevolking op tafel gezet. De veren worden bijvoorbeeld gebruikt voor beddengoed.

Hoewel op grote mediterrane boerenbedrijven rond het begin van de jaartelling al gebruik wordt gemaakt van eendenkooien en volières met tamme eenden, is het niet waarschijnlijk dat dit toen ook al langs de Nedergermaanse Limes bij een castellum gebeurde.
Tamme eenden zijn trouwens geen aparte soort. Wilde eieren worden uitgebroed door huiskippen en vervolgens worden de wilde eendenkuikens vanzelf tamme eenden en broeden zij hun eigen eieren uit.

Hoe worden de eenden opgediend?
De schrijver Martialis (40-104 na Chr.) meldt over eend dat deze in haar geheel geroosterd dient te worden. Vervolgens moeten aan tafel de borstfilets van de vogel af worden gesneden. De vogel gaat daarna terug naar de keuken om de bouten gaar te roosteren. De beroemde lekkerbek Apicius vindt dat eend moet worden voorgekookt en daarna pas geroosterd.

Deel 67 van een serie artikelen over het Romeinse verleden van Alphen aan den Rijn.



Reacties